Special Olympics 2026

Rivalen op het hockeyveld, partners voor de Special Olympics

Een interview met Josephine Bierman en Floris jan Bovelander

Normaal gesproken staan HC Bloemendaal en MHC HBS tegenover elkaar op het hockeyveld. Wedstrijden tussen de twee Bloemendaalse clubs hebben altijd iets extra’s: derbygevoel, veel publiek langs de lijn en spelers die nét een tandje harder lopen. Maar voor de Special Olympics Nationale Spelen 2026 zetten de twee clubs hun sportieve strijd even opzij. Samen organiseren ze het hockeytoernooi.


Van 12 tot en met 14 juni staat Haarlem en omgeving in het teken van de Special Olympics Nationale Spelen, het grootste sportevenement in Nederland voor mensen met een verstandelijke beperking. Zo’n 3000 sporters uit het hele land doen mee aan ruim twintig verschillende sporten. Voor hockey wordt Bloemendaal het middelpunt: honderden spelers strijden er twee dagen lang om de medailles. Maar minstens zo belangrijk is het plezier van samen sporten.

 

Twee hockeywerelden

Aan tafel zitten twee hockeyers die op het eerste gezicht uit totaal verschillende werelden komen. Floris Jan Bovelander, olympisch kampioen van Atlanta 1996 en een van de beroemdste strafcornerspecialisten die Nederland ooit kende. En Josephine Bierman, keeper van HBS G2 en een fanatieke G-hockeyer die straks zelf meedoet aan het toernooi. Josephine kende Bovelander eerst niet. “Mijn vader liet me filmpjes van hem zien. Van strafcorners.” Dat maakte indruk: “Toen zag ik hoe hard hij die bal slaat.” Als keeper kijkt ze er nuchter naar. “Ik zou die ballen gewoon proberen te stoppen,” zegt ze schouderophalend. “Als het niet lukt, dan lukt het niet. En als het wel lukt, dan is dat natuurlijk heel mooi.”

 

Spanning en plezier

Hoewel hun hockeycarrières niet met elkaar te vergelijken zijn, herkennen ze dezelfde gevoelens rond het spel. Josephine kan voor wedstrijden wel eens zenuwachtig zijn. “Soms trek ik eerst mijn keeperspak aan en moet ik alsnog naar de wc. Dan moet ik alles weer uitdoen.” Bovelander grinnikt. “Dat herken ik niet helemaal,” zegt hij. “Maar spanning hoort er wel bij.” Uiteindelijk draait het volgens hem om iets anders. “Plezier. Dat is waarom ik ooit begonnen ben met hockey. En daarom hockey ik nu nog steeds.”


Ook voor Josephine is gezelligheid de belangrijkste reden om te hockeyen. “Ik vind het leuk om met mijn vrienden te spelen. Iedere woensdag trainen we samen.” Soms is het zelfs bijna té gezellig. “Dan maken we veel grapjes tijdens de training.” Bovelander knikt. “Dat was bij ons precies hetzelfde. Ook op topniveau moet het leuk zijn in een team. Als je het niet naar je zin hebt met elkaar, werkt het niet.”

 

Hockey voor iedereen

Zelf staat Bovelander nog regelmatig op het veld. “Ik hockey nog steeds,” zegt hij. “Vandaag heb ik zelfs spierpijn, want gisteren speelde ik voor het eerst sinds november weer een wedstrijd.” Maar belangrijker dan zijn eigen wedstrijden vindt hij dat iedereen kan hockeyen. “Het mooie is dat G-hockey gewoon onderdeel is van een club,” zegt hij. “Niet ergens op een achterafveldje, maar midden in de vereniging.” Dat sluit ook aan bij het motto van de hockeybond: een leven lang hockey. Van jeugdteams tot veteranen, van walking hockey tot G-hockey. “Sport moet toegankelijk zijn voor iedereen,” aldus Bovelander. 


Rivaliteit met een knipoog

Voor Josephine heeft de rivaliteit tussen Bloemendaal en HBS ook een persoonlijk tintje. Haar team speelt in de competitie in dezelfde poule als twee teams van Bloemendaal. “Als we tegen Bloemendaal spelen, hoop ik natuurlijk dat HBS wint,” zegt ze lachend. “Voor negentig procent.” Even denkt ze na. “Maar ik gun hen ook wel iets, tien procent.” Bij Bloemendaal speelt namelijk iemand die ze goed kent. “Jelle van Bloemendaal ken ik niet alleen van hockey,” vertelt ze. “We hebben ook samen gewerkt bij Brownies & Downies. Daar zijn we vrienden geworden.” Maar op het veld kent ze geen genade: “Ik probeer altijd de bal van hem af te pakken. En dat lukt best vaak.”

 

Groot sportweekend

Als bestuurslid van de stichting achter de Special Olympics Nationale Spelen 2026 denkt Bovelander mee over de organisatie. “Het is een groot evenement met zo’n drieduizend deelnemers uit heel Nederland,” legt hij uit. “Het lijkt een beetje op de echte Olympische Spelen.” Zo is er een officiële opening, met een parade van sporters en er zijn locaties waar deelnemers samen overnachten. Ook ’s avonds zijn er activiteiten. “Het is echt iets anders dan een gewoon hockeytoernooi waarbij je een paar wedstrijden speelt en daarna weer naar huis gaat,” zegt Bovelander. “Voor veel deelnemers wordt het een compleet sportweekend.” En dat maakt het volgens hem zo bijzonder. “Het is een enorme happening. En het mooie is dat het mensen bij elkaar brengt.”


Vrijwilligers onmisbaar

Voor een evenement van deze omvang zijn veel vrijwilligers nodig. “Bij ieder evenement heb je veel mensen nodig,” zegt Bovelander. “Van het begeleiden van teams tot het uitdelen van lunchpakketjes.” Volgens hem denken mensen soms dat vrijwilligerswerk zwaar is. “Maar dat hoeft helemaal niet. Je kunt ook een paar uurtjes helpen. Bijvoorbeeld broodjes smeren of teams begeleiden.” Vrijwilligers maken volgens hem het verschil. “Je maakt deel uit van iets dat voor veel sporters heel bijzonder is. En het is gewoon leuk om samen iets te organiseren. Dus meld je aan, doe het gewoon!” 


Naast helpende handen zijn er ook financiële middelen nodig. “Alles kost geld,” zegt Bovelander nuchter. “3000 ijsjes is toch weer 2000 euro.” Sportakkoord Bloemendaal heeft inmiddels een bijdrage toegezegd, maar extra steun blijft welkom. 

 

Geslaagd

Josephine kijkt vooral uit naar het weekend zelf. “Eigenlijk naar alles,” zegt ze. “De wedstrijden, de opening en de sfeer.” En ook naar de muziek. “Ik ben benieuwd wie er gaat optreden.” Bovelander is nieuwsgierig. “Wie zou je willen zien?” Het antwoord komt meteen: “Flemming!” Bovelander lacht. “Ik ga het doorgeven.”


Wanneer is het evenement voor hem geslaagd? Daar hoeft Bovelander niet lang over na te denken. “Als er duizenden blije sporters, ouders en begeleiders zijn,” zegt hij. “Er is al genoeg ellende in de wereld. Dan zijn dit juist de momenten waarop sport mensen samenbrengt: samen sporten, plezier maken en elkaar ontmoeten. Toch hoort competitie er ook bij. “Je wil natuurlijk wel winnen. Ik hoop op spannende wedstrijden, met emoties en mooie momenten.” Josephine vat het eenvoudiger samen: “Ik hoop gewoon dat het een heel gezellig weekend wordt.”


Wil je helpen bij het hockeytoernooi van de Special Olympics Nationale Spelen 2026? Meld je dan aan als vrijwilliger. Alle hulp is welkom, al is het maar voor een paar uur.

 

Tekst: Annemarie Burgers

Foto’s: Koen Suyk